Naar inhoud

Slotaflevering van soap rond de eed van tolken bijna in zicht

De wetswijziging en de nieuwe eedformules treden in werking de 10de dag na de bekendmaking van de 'Wet tot vermindering en herverdeling binnen de rechterlijke orde' van 25 mei 2018 in het Belgisch Staatsblad, met ingang van 9 juni 2018.

De aangewezen tolk legt de volgende eed af:
"Ik zweer dat ik mijn opdracht in eer en geweten, nauwgezet en eerlijk zal vervullen", of
"Je jure que je remplirai ma mission en honneur et conscience avec exactitude et probité", of
"Ich schwöre, dass ich den mir erteilten Auftrag auf Ehre und Gewissen genau und ehrlich erfüllen werde".

De aangewezen vertaler of vertaler-tolk ondertekent zijn vertaling op straffe van nietigheid en voorafgegaan door de volgende schriftelijke eed:
"Ik zweer dat ik mijn opdracht in eer en geweten, nauwgezet en eerlijk vervuld heb", of
"Je jure avoir rempli ma mission en honneur et conscience, avec exactitude et probité.", of
"Ich schwöre dass ich den mir erteilten Auftrag auf Ehre und Gewissen, genau und ehrlich erfült habe.".

Op 28 juni 2017 verspreidde de Beroepsvereniging Beëdigd Vertalers en Tolken (BBVT) een persbericht ""Onduidelijkheid over beëdigingen tolken huizenhoog probleem voor justitie". De dag daarop heeft het parket van de procureur des Konings van Antwerpen een (eerste) omzendbrief verstuurd waarin de eed van tolken wordt aangekaart. Ook het openbaar ministerie stelde vast dat het nationaal register voor beëdigde tolken nog niet operationeel is en magistraten en politieambtenaren genoodzaakt zijn om een beroep te doen op tolken die per prestatie de eed afleggen. 

Sindsdien laat men tolken tweemaal de eed laat afleggen, vooraf (zoals al gangbaar was) de opgeheven eedformule 'Ik zweer trouw het gezegde te vertalen, dat moet worden overgebracht aan diegenen die een verschillend taal spreken' , en achteraf - "om onregelmatigheden te vermijden" - de eedformule uit artikel 27 van de wet op het nationaal register: 'Ik zweer dat ik mijn opdracht nauwgezet en eerlijk vervuld heb.'

Na een tweede, door de pers opgepikte waarschuwing van de BBVT voor de mogelijke gevolgen van deze situatie, interpelleerde volksvertegenwoordiger Sonja Becq (CD&V) op 7 februari 2018 minister Koen Geens over de eed afgelegd door gerechtstolken en -vertalers.  De minister van Justitie stelde dat wie in het nationaal register is opgenomen, ook in het kader van een voorlopige inschrijving tot 1 december 2021, geen eed moet afleggen en wordt behandeld alsof zijn of haar inschrijving in het register reeds definitief is.

 

Eedaflegging verplicht per prestatie

De BBVT deed ook navraag over de eedaflegging bij het College van de hoven en rechtbanken. Volgens de voorzitter van het College is de essentie van het nationaal register voor beëdigd vertalers en tolken dat alleen wie definitief is ingeschreven, en dus aan de wettelijke voorwaarden voldoet en beëdigd is door de eerste voorzitter van het hof van beroep, de titel van beëdigd vertaler/tolk mag dragen en bijgevolg )vrijgesteld is van de eedaflegging per prestatie.

Dat betekent dat op dit ogenblik dus niemand in België permanent is "beëdigd" als vertaler of tolk. Wie voorlopig is ingeschreven in het nationaal register, mag volgens het College van de hoven en rechtbanken de titel van beëdigd vertaler of tolk enkel voeren voor een specifieke opdracht en moet per prestatie een eed afleggen. Ook wie ooit een eed heeft afgelegd voor de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg, moet voor iedere prestatie de eed afleggen.

In zijn antwoorden op parlementaire vragen hierover bevestigde de minister van Justitie dat zolang de aanvaardingscommissie niet van start is gegaan en we ons bevinden in de door de wet voorziene overgangs­periode, de vertaler of tolk de eed per prestatie aflegt. Minister Geens kondigde uiteindelijk ook een wetsaanpassing aan die de problematiek moet verhelpen, zodat tolken de eed enkel zullen moeten afleggen vooraleer zij hun opdracht aanvatten. De oplossing om de eed tweemaal af te leggen, is te omslachtig.

 

Advies van BBVT leidde tot een subamendement

Op 8 maart 2018 werden amendementen ingediend met het oog op een wetswijziging. De wetgever heeft besloten om in de wet een aparte eedformule in te schrijven voor de tolken enerzijds en de vertalers en vertalers-tolken anderzijds. Na kennisname van de ingediende amendementen bracht de BBVT een advies uit ten behoeve van de leden van de Kamercommissie voor de Justitie. Na ontvangst van dat advies hebben de indieners van de amendementen op 27 maart 2018 nog een subamendement toegevoegd, waarin als volgt rekening werd gehouden met het advies van de BBVT:

'Beëdigd vertalers en vertalers-tolken stellen immers nooit een (schriftelijk) verslag op van een vertaalopdracht. In tegenstelling tot een gerechtsdeskundige wordt een beëdigd vertaler, beëdigd tolk of een beëdigd vertaler-tolk niet aangesteld om een magistraat te helpen bij het zoeken van de juiste toedracht en waarheid in een strafzaak. De tekst van artikel 27 van de wet van 10 april 2014 dient bijgevolg te worden gewijzigd om het woord "verslag" te vervangen door het woord "vertaling".'

 

Heel justitie moet begrijpelijker spreken en schrijven

Bij de bespreking van de amendementen in de Kamercommissie voor de Justitie stelde volksvertegenwoordiger Stefaan Van Hecke (Groen) voor in de Nederlandse tekst van de eedformule de woorden “in eer en geweten” te vervangen door de woorden “naar eer en geweten”, zoals voorgesteld door de Beroepsvereniging Beëdigd Vertalers en Tolken. Taalkundig gezien is dat immers een betere formulering.

De indiener van de amendementen, Raf Terwingen (CD&V), wees erop dat de uitdrukking “in eer en geweten” op veel plaatsen in de wetgeving voorkomt. Derhalve werd voorgesteld die uitdrukking niet aan te passen, "teneinde verschillen tussen wetgevingsbepalingen te voorkomen". Stefaan Van Hecke argumenteerde nochtans dat dat geen reden is om de tekst niet te verbeteren: "Als het een betere formulering betreft, waarom de tekst dan niet aanpassen?"

Met zijn project 'Kruid'1), voorgesteld in mei, wil de Hoge Raad voor de Justitie (HRJ) "het gerecht op smaak brengen met een toegankelijke taal". De Hoge Raad roept alle juridische professionals op om bewust om te gaan met hun taalgebruik met de rechtzoekende. Wij stellen jammer genoeg vast dat zelfs de wetgever geen prioriteit maakt van taalkundig correcte formuleringen in het Nederlands.

 

De wetswijziging concreet: 

Wijziging van de wet van 10 april 2014 tot wijziging van verschillende bepalingen met het oog op de oprichting van een nationaal register voor gerechtsdeskundigen en tot oprichting van een nationaal register voor beëdigd vertalers, tolken en vertalers-tolken:

In artikel 27 van de wet van 10 april 2014 tot wijziging van verschillende bepalingen met het oog op de oprichting van een nationaal register voor gerechtsdeskundigen en tot oprichting van een nationaal register voor beëdigd vertalers, tolken en vertalers-tolken wordt het tweede lid vervangen door de volgende leden:

"De betrokkene bedoeld in het eerste lid voert de titel van beëdigd vertaler, tolk of vertaler-tolk slechts voor de aan hem toegewezen opdracht.

 

De aldus aangewezen tolk legt de volgende eed af:

"Ik zweer dat ik mijn opdracht in eer en geweten, nauwgezet en eerlijk zal vervullen", of

"Je jure que je remplirai ma mission en honneur et conscience avec exactitude et probité", of

"Ich schwöre, dass ich den mir erteilten Auftrag auf Ehre und Gewissen genau und ehrlich erfüllen werde".

 

De aangewezen vertaler of vertaler-tolk ondertekent zijn vertaling op straffe van nietigheid en voorafgegaan door de volgende schriftelijke eed:

"Ik zweer dat ik mijn opdracht in eer en geweten, nauwgezet en eerlijk vervuld heb", of

"Je jure avoir rempli ma mission en honneur et conscience, avec exactitude et probité.", of

"Ich schwöre dass ich den mir erteilten Auftrag auf Ehre und Gewissen, genau und ehrlich erfült habe.".

 

De wetswijziging en de nieuwe eedformules treden in werking de 10de dag na de bekendmaking van de 'Wet tot vermindering en herverdeling binnen de rechterlijke orde' van 25 mei 2018 2) in het Belgisch Staatsblad, met ingang van 9 juni 2018.

 

De wet op het nationaal register voorziet een eedformule, door de tolk of vertaler eenmalig af te leggen  in handen van de eerste voorzitter van het hof van beroep van het rechtsgebied van zijn woon- of verblijfplaats: 'Ik zweer dat ik mijn opdracht nauwgezet in eer en geweten en eerlijk zal vervullen'. Bizar genoeg in het Nederlands met een andere woordvolgorde dan in de Frans en de Duitse versie. Helaas ook met de taalkundig verkeerde formulering "in eer en geweten". 

 

1) http://www.hrj.be/nl/content/persbericht-heel-justitie-moet-begrijpelijker-spreken-en-schrijven

2) http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/wet/2018/05/25/2018031110/staatsblad

Gepubliceerd op
08/06/2018
Sociale media
Copyright 2024 BBVT